Maatregel 2. Onderzoek naar kredietverlening aan bedrijven door banken

Begin 2009 deed Minister Van Quickenborne een oproep aan de banken om correct krediet te blijven verlenen aan onze ondernemingen. Bovendien vroeg hij aan de Nationale Bank om van nabij op te volgen of de interestvoeten voor bedrijfsleningen een correcte weergave zijn van het risico en de kosten.

In februari is de Nationale Bank gelast met de oprichting van een werkgroep die zich moet buigen over de situatie van de kredietverlening aan ondernemingen in België.

Uit de cijfers van de Nationale Bank blijkt dat de kredietverlening aan ondernemingen in 2009 een moeilijk verloop kende. De laatste 6 maanden van 2009 daalde het totaal uitstaand saldo aan ondernemingskredieten continu.

Een onderzoek van VOKA (zie ook HLN) geeft evenwel aan dat die daling niet enkel ligt aan een grotere terughoudendheid bij de kredietverschaffers:Ongeveer twee derde van de bedrijven die de voorbije zes maanden een leningsaanvraag deed, bekwam die lening zonder problemen (zie grafiek 4). In 13,3 procent van de aanvragen werd het leningsbedrag gedeeltelijk toegekend. Slechts 8,3 procent van de kredietaanvragen werden door de banken geweigerd.

In januari 2010 werd opnieuw een lichte stjiging van het uitstaand volume aan kredieten genoteerd, 800 miljoen hoger dan in januari 2009.

nbb

Ook blijkt de gewogen gemiddelde rentevoet voor nieuwe kredieten een dalende trend vertoont.

grafiek

Ondaks de hoopgevende signalen van de Nationale Bank blijft minister Van Quickenborne de problematiek op de voet opvolgen.

 

  • print page