Minder statistiekplichten voor Belgische ondernemingen
Brussel, 26 februari 2010 – De wettelijke statistiekplichten zijn reeds lang een doorn in het oog van vele Belgische ondernemingen. Na de vereenvoudiging van de Prodcom (productie) en structuurenquêtes, neemt minister Van Quickenborne nu ook de Instratat-aangifte onder handen. Vandaag verscheen een koninklijk besluit in het Belgisch Staatsblad waardoor 5.000 bedrijven extra worden vrijgesteld van de Intrastat-aangifte bij het Instituut voor Nationale Rekeningen.
Een studie van Idea Consult van 2007 (in opdracht van het VBO) toonde aan dat de statistieklasten voor ondernemingen een kost van EUR 74 miljoen vertegenwoordigen. Het grootste deel van die kost (95%) wordt veroorzaakt door 5 statistieken: Prodcom, structuurenquête, Intrastat-aangifte, sociale balans en betalingsbalans. In veel gevallen gaat het hier om een uitvoering van Europese of internationale statistiekverplichtingen.
Toch bestaat er mogelijkheden om de enquêtedruk te verlichten, met name door de vermindering van het aantal bevraagde bedrijven, de vermindering van de frequentie of de beperking van het aantal vragen. Sinds de publicatie van die studie in 2007 werden, in het kader van het plan tot afbouw van de statistiekplicht, op die manier reeds de productie-enquête (2008) en de structuurenquête (2009) vereenvoudigd door minister Van Quickenborne. Vandaag kan ook een verdere vereenvoudiging van de Intrastat-aangifte worden aangekondigd.
Het Instituut voor Nationale Rekeningen (INR) maakt op last van de Europese Commissie maandelijks statistieken op over de Belgische buitenlandse handel. Deze statistieken zijn gebaseerd op de wettelijk verplichte Instratat-aangifte, waarin Belgische bedrijven een overzicht moeten geven van hun goederenhandel met andere Lidstaten van de EU. Volgens Europese wetgeving moeten lidstaten ervoor zorgen dat ten minste 95% van de waarde van de totale aankomsten (invoer) en 97% van de waarde van de totale verzendingen (uitvoer) van de betrokken lidstaat wordt gedekt in de statistieken. Om deze dekkingspercentages te bereiken dienen de lidstaten drempels te bepalen, uitgedrukt in de totale waarde in euro van de jaarlijkse aankomsten en verzendingen binnen de EU. Bedrijven met handel boven die drempelbedragen moeten de Intrastat-aangiften invullen. Na analyse is gebleken dat België de Europese verplichtingen ook kan realiseren indien hogere drempels worden gehanteerd. Minister Van Quickenborne besliste daarom om in België vanaf 2010 de aangiftedrempel voor de intra-EU aankomsten op te trekken met 75%, van 400.000 euro tot 700.000 euro. De drempel van 1.000.000 euro bij uitvoer blijft ongewijzigd.
Deze maatregel wordt ingevoerd via een koninklijk besluit dat door minister Van Quickenborne werd ondertekend en dat vandaag in het Belgisch Staatsblad is verschenen. Deze beslissing stelt ongeveer 5.000 Belgische bedrijven vrij van Intrastat-aangiften. Begin 2006 werden de drempelwaarden reeds verhoogd waardoor toen nagenoeg 10.000 bedrijven werden vrijgesteld. Na de recente aanpassing zijn nog slechts een kleine 15.000 bedrijven rapporteringsplichtig, daar waar er eind 2005 nog bijna 30.000 bedrijven een verplichte aangifte moesten doen.
Minister Van Quickenborne: “Statistiekplichten zijn een belangrijke oorzaak van administratieve kosten voor bedrijven. Hoewel veel van die verplichtingen Europees of internationaal zijn opgelegd, moeten we er toch naar streven om bij de uitvoering ervan de bedrijven zoveel mogelijk te ontzien. Na de vereenvoudiging van de productie- en structuurenquêtes, is vandaag een belangrijke stap vooruit gezet inzake de Intrastat-aangifte. Deze concrete maatregel zorgt er voor dat 5.000 Belgische bedrijven vanaf nu verlost worden van een deel van hun statistische verplichtingen. Sinds het begin van de vereenvoudigingsactie werden al de helft van de bedrijven verlost van deze statistiekplicht.”
