Consumentenkrediet wordt goedkoper vanaf 1 december 2009


Brussel, 28 oktober 2009 – Minister van Economie Vincent Van Quickenborne is tevreden dat het consumentenkrediet goedkoper wordt. De afgelopen maanden daalden de verschillende marktrentevoeten. Dit wordt vanaf 1 december 2009 doorgerekend in lagere maximale jaarlijkse kostenpercentages (JKP’s) voor consumentenkredieten. Verantwoord krediet kan de consumentenvraag doen aantrekken en de economie mee helpen herstellen.  

Als gevolg van de daling van de marktrentevoeten worden enkele kredietformules vanaf 1 december goedkoper. Zo dalen de maximale rentevoeten voor kredietopening (JKP’s) met 1 %.

Dit betekent dat de maximale debetrente op zichtrekeningen, aangerekend wanneer men tijdelijk “in het rood” gaat, daalt. Hetzelfde geldt voor kredietlijnen gekoppeld aan kredietkaarten verkocht door banken, grootwarenhuizen of postorderbedrijven.

De nieuwe maximale rentevoeten werden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 21 oktober 2009 en kunnen ook worden geraadpleegd op de website van de FOD Economie: www.economie.fgov.be.

Minister van Economie Van Quickenborne pleit reeds geruime tijd voor een transparante en correcte kredietverlening aan de consument. Op 25 september 2009 keurde de ministerraad zijn wetsvoorstel tot aanpassing van de bestaande reglementering op het consumentenkrediet goed.

Het voorstel bevat diverse maatregelen om zowel de toegang tot consumentenkrediet te garanderen, alsook om de consument te beschermen tegen de gevaren van overmatige schulden. Er worden ook voorstellen gedaan om de kost van een consumentenkrediet te verduidelijken.

De verlaging van de maximale JKP’s voor consumentenkredieten, de duidelijke communicatie ervan en de controle door de FOD Economie geven de consument meer zekerheid en duidelijkheid en sluiten daarom perfect aan bij de door Van Quickenborne voorgestelde maatregelen.

Ook al kunnen we de eerste positieve signalen waarnemen van een economisch herstel, toch vindt minister Van Quickenborne het te vroeg om duidelijke voorspellingen te doen over de snelheid en impact van de heropleving. Het staat wel vast dat het aantrekken van de consumentenvraag een belangrijke factor zal zijn voor het economisch herstel.

Minister van Economie Vincent Van Quickenborne: Het verschaffen van krediet blijft cruciaal voor onze economie. We moeten er echter over waken dat dit op een correcte, transparante manier gebeurt.De consument kan nu opnieuw genieten van de recente daling van de rentevoeten op de financiële markten, duidelijke communicatie hieromtrent is dan ook belangrijk.”

Achtergrond:

Op 31 oktober 2006 verscheen in het Belgisch Staatsblad het koninklijk besluit van 19 oktober 2006 tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 augustus 1992 betreffende de kosten, de percentages, de duur en de terugbetalingsmodaliteiten van het consumentenkrediet met het oog op het bepalen van de maximale jaarlijkse kostenpercentages. Dit besluit trad in werking op 1 februari 2007.

Bij het verstrijken van de maand maart en van de maand september, moet er onderzocht worden of er, door een wijziging van de referentie-indexen van minstens 0,75 punten, een aanpassing van maximale percentages komt. De eerste referentie-indexen waarmee men vergeleek, waren die van de maand maart van het jaar 2006. Als referentie-index werd er, voor de kredietopeningen, gekozen voor de Euribor op drie maanden, en voor de overige kredietvormen, de referte-indexen A, B of C van het hypothecaire krediet, in functie van het kredietbedrag. De nieuwe maximale jaarlijkse kostenpercentages worden van kracht op de eerste dag van de tweede maand die volgt op de maand van de bekendmaking ervan.

De gewijzigde maxima, referentie-indexen en referentievoeten werden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 21 oktober 2009.

De maximale jaarlijkse kostenpercentages van toepassing vanaf 1 december 2009 zijn de volgende: 

o 

(*) het betreft enkel de kredietopeningen waarvoor de kaart werd opgelegd door de kredietgever als kredietopnemingsmiddel, die beantwoordt aan de definitie van kaart zoals bedoeld in de wet van 17 juli 2002 betreffende de transacties uitgevoerd met instrumenten voor de elektronische overmaking van geldmiddelen én die een betekenisvolle kost inhoudt te verrekenen in het JKP en te vermelden in de kredietovereenkomst.

De referentie-indexen, met wijzigingen tussen haakjes ten opzichte van de overeenkomstige (onderlijnde) referentie-index die laatst aanleiding gaf tot een wijziging van de respectievelijke maximale jaarlijkse kostenpercentageszijn, de volgende: 

h

Index A = schatkistcertificaat 12 maand

Index B = lineaire obligaties 2 jaar

Index C = lineaire obligaties 3 jaar

  • print page